Het vlakke maaiveld van de Zanderij krijgt een nieuw microreliëf dat wat betreft richting en karakter aansluit bij het reliëf in het aansluitende duinlandschap met nollen/droog duingrasland, nat schraalgrasland, duinvalleien (in de winter nat en in de zomer droogvallend) en duinbeken, die het schone duinwater in het gebied zichtbaar maken, benutten voor de natuur en uiteindelijk het water afvoeren via de stuw (bij de overweg aan de Vinkenbaan) naar de polder. Water krijgt een meer prominente rol in het landschap van de Zanderij. Dit hoeft niet te betekenen dat er wateroverlast ontstaat. Water wordt meer zichtbaar door maaiveld verlaging en flauwe en natuurlijke oevers van de duinbeken.